Met een zware aanhanger rijden vraagt meer dan alleen een extra rijbewijscategorie. Op deze pagina lees je wat je voor rijbewijs BE leert: van de controle vóór vertrek en veilig rijden met de combinatie tot de bijzondere verrichtingen en het praktijkexamen.

Let op: de downloadbare CBR-publicatie onderaan deze pagina is een uitgebreide uitgave uit 2015. De basisprincipes blijven nuttig, maar actuele instructies van het CBR, de overheid en je rijinstructeur zijn altijd leidend.

Wanneer heb je rijbewijs BE nodig?

Welk rijbewijs je nodig hebt, hangt af van de toegestane maximummassa van de auto en de aanhanger. Controleer daarvoor de kentekenbewijzen en de gegevens in het RDW-kentekenregister.

  • Rijbewijs B: een aanhanger tot en met 750 kg, of een zwaardere aanhanger als de toegestane maximummassa van auto en aanhanger samen niet boven 3.500 kg uitkomt.
  • Rijbewijs B met code 96: een combinatie met een toegestane maximummassa tot en met 4.250 kg.
  • Rijbewijs BE: voor rijbewijzen behaald vanaf 19 januari 2013 mag de aanhanger maximaal 3.500 kg wegen. Voor oudere BE-rijbewijzen gelden ruimere regels.

De auto moet de aanhanger technisch ook mogen trekken. Kijk daarom niet alleen naar je rijbewijs, maar ook naar het toegestane trekgewicht en de maximummassa’s op het kentekenbewijs.

Wat leer je tijdens de rijopleiding BE?

De rijprocedure voor BE sluit aan op wat je voor rijbewijs B hebt geleerd. Het verschil zit vooral in de lengte, breedte, massa en beperkte wendbaarheid van de combinatie. Je leert vooruitkijken, extra ruimte houden en rekening houden met een langere remweg en tragere acceleratie.

Controle vóór vertrek

  • Controleer kentekenbewijs, toegestane gewichten en afmetingen.
  • Bekijk banden, bandenspanning en de algemene staat van auto en aanhanger.
  • Controleer koppeling, losbreekremkabel, stroomaansluiting, handrem en neuswiel.
  • Verdeel en bevestig de lading goed en houd rekening met de juiste kogeldruk.
  • Test verlichting, richtingaanwijzers, remmen en de afstelling van de spiegels.

Veilig deelnemen aan het verkeer

Met een aanhanger stuur je ruimer door bochten en heb je meer tijd en afstand nodig om snelheid te maken of af te remmen. Tijdens de opleiding oefen je onder meer kruispunten, rotondes, invoegen, uitvoegen, inhalen, spoorwegovergangen en smalle doorgangen. Goed spiegelen en rekening houden met de dode hoek zijn daarbij essentieel.

Bijzondere verrichtingen bij het BE-examen

Je moet de combinatie vloeiend, veilig en beheerst kunnen manoeuvreren. Afhankelijk van de opdracht kunnen onder andere deze onderdelen aan bod komen:

  • recht achteruitrijden;
  • achteruit een bocht rijden naar een inrit of laadplaats;
  • keren met behulp van een zijstraat of een halve draai;
  • wegrijden op een helling;
  • de aanhanger veilig aankoppelen en afkoppelen.

Aankoppelen in hoofdlijnen

  1. Zet auto en aanhanger zo recht mogelijk voor elkaar en beveilig de aanhanger tegen wegrollen.
  2. Breng de koppeling boven de trekhaak en laat deze gecontroleerd zakken.
  3. Controleer of de koppeling volledig is vergrendeld.
  4. Bevestig losbreekremkabel en stekker op de juiste manier.
  5. Draai het neuswiel volledig omhoog, maak de handrem los en controleer alle verlichting.

Afkoppelen in hoofdlijnen

  1. Kies een veilige, vlakke plaats en zet de aanhanger op de handrem.
  2. Laat het neuswiel zakken en zet het stevig vast.
  3. Maak stekker en losbreekremkabel los.
  4. Ontgrendel de koppeling, draai de dissel omhoog en controleer of de aanhanger stabiel staat.

Download de volledige Rijprocedure BE

Wil je alle onderdelen uitgebreid nalezen? Download dan de oorspronkelijke publicatie. Het document telt 54 pagina’s en behandelt voertuigcontrole, verkeersdeelname, manoeuvres en de beoordelingswijze.

Officiële en actuele informatie

Controleer voor de actuele wettelijke grenzen altijd de informatie van Rijksoverheid over rijden met een aanhanger. De voertuiggegevens en toegestane gewichten vind je bij de RDW.

Heb je een vraag over de voorbereiding op je praktijkexamen? Neem gerust contact op.